Vrolijk kerstfeest en een voorspoedig 2020

Het team van W&A parket wenst u een gelukkig kerstfeest en voorspoedig nieuw jaar toe. Wij kijken tevreden terug naar de mooi gerealiseerde projecten en sluiten tijdens het kerstverlof vanaf 21/12/2019 tot en met 6/1/2020.

Vanaf dinsdag 7/1/2020 zijn wij er terug met volle moed voor een nieuw jaartje vol mooie realisaties.

 

Project H. Heusden

Di legno ostia

Di legno TSB franse eik verouderd parket kleur Ostia 192

Project beschrijving : Renovatie van een bestaande woning op tegelvloer met vochtige ondergrond

dhr. & mevr. H. uit Heusden contacteren W&A parket nadat vastgesteld werd dat in de oude verwarmingsbuizen een lek werd vastgesteld en de mooie natuursteen op vele plaatsen beschadigd werd door het vocht. Tijdens de werfcontrole werd vastgesteld dat er ook geen opgetrokken dampscherm aanwezig was. De bouwheer wenste bovenop de bestaande tegelvloer te werken en bij voorkeur met een gelijmde plaatsing, en dit voor zowel de hall, keuken, living en zitruimte. W & A parket stelde voor om met een drukvochtcoating te werken en met een verzonken tapijt aan de inkomdeur, alsook alle deuren en deurlijsten aan te passen in hoogte waardoor het niveauverschil in de ruimte bijna niet op te merken is.

Keuze parket :

De klant koos voor een Di legno Ostia parket. Deze parketvloer heeft een verouderde toplaag en past zowel in een landelijk als modern interieur. Deze landelijke woning met aangepast landelijk interieur kreeg door de juiste keuze een aangename metamorfose. De klant melde ons nog dat de parket zeer gemakkelijk te onderhouden is en zeer dankbaar als de kleinkinderen eens op bezoek komen, die kunnen zonder zorgen spelen op de vloer.

  • Inkomtapijt
Continue reading “Project H. Heusden”

Urban legend : chape droogt altijd 1cm per week

lekkende_bouwdroger_chape_droogt_niet

Over de snelheid dat een dekvloer of een chape uit droogt zijn al vele verhalen de wereld in gestuurd. De bekendste urban legend is toch wel dat een chape met een snelheid van 1 cm per week zou uitdrogen. Alsof een chape ook een interne klok zou hebben, of het natuurlijk proces van uitdrogen plots een exacte wetenschap zou zijn ? Natuurlijk niet, maar jammer genoeg kan dit leiden tot frustraties bij de bouwheer die vaak een een deadline heeft en natuurlijk zijn droomproject zo snel als mogelijk in dienst wenst te nemen.

Daarom verhullen wij u graag een aantal vuistregels om deze frustraties te kunnen vermijden

kwaliteit van de chape

Als eerste is de samenstelling van de chape heel belangrijk in het bepalen van het droogproces. Een chape met de juiste hoeveelheid aan cement zand verhouding zal gemiddeld langer het vocht vast houden dan een chape met te weinig cement.  Ook zal het goed verdichten of polieren van de dekvloer door de chappist er voor zorgen dat de poriën meer gesloten worden en hierdoor wordt ook een harde toplaag van de dekvloer bekomen.  Hierdoor zal in de praktijk een correct geplaatste chape langer drogen ten opzichten van een niet professioneel geplaatste chape. U kan de minder goede chapes herkennen aan het feit dat er sneller korreltjes zand loskomen van de toplaag en een zanderig uitzicht geven.

Dikte van de chape

De totale uitvulling van de dekvloer zal zeker bepalend zijn voor de totale droogtijd. Volgens de urban legend zou een chape van 5cm dik na 5 weken droog zijn. Jammer genoeg voor de bouwheer klopt dit nooit omdat er nog wel wat factoren van belang zijn.

klimatologische omstandigheden

het klimaat in uw project heeft ook een heel grote impact. Chape heeft een lage luchtvochtigheid nodig en een hoge temperatuur. Veelal zal tijdens de periode nà de plaatsing van de chape uw project nog niet verwarmd zijn en moeten er nog veel vochtige werken gebeuren. Om deze reden is de kans groot dat de eerste maanden nà de uitvoering van de dekvloer uw chape bijna niet droogt.

Wat kan je zelf ondertussen doen? Wij raden aan om de eerste weken zeer goed te verluchten en het gebouw zoveel als mogelijk open te laten (bij vochtig weer kan je beter sluiten). In het begin mag de chape namelijk niet te snel uidrogen. Nà enkele weken mag je het droogproces beginnen versnellen door de verwarming op te starten en wij raden zeker aan om een bouwdroger te plaatsen omdat hierdoor de luchtvochtigheid optimaal verlaagd wordt.

realistische snelheid

Bij het aanmaken van een chape wordt ongeveer 5 tot 6% vocht gebruikt. Voor een chape zonder vloerverwarming is het te behalen vochtgehalte volgens de norm 2,5% en bij chape met vloerverwarming moet deze uitdrogen tot 2%. Dit betekend dat er ongeveer 3 tot 4% vocht moet verdwijnen uit de chape. We weten ondertussen ook dat de snelheid van verschillende factoren afhankelijk is. De snelheid van drogen is in het begin ook sneller dan op het einde van de droogperiode. Zo is het mogelijk dat in het begin 0,5 tot 1% daling per week opgemeten wordt en op het einde slechts 0,25 tot 0,1% daling per week. Een gemiddelde en realistisch vochtvermindering van een cementgebonden chape is ongeveer 0,5% per week. Een voorbeeld uit de praktijk : Bij een chape van 5 cm waar alle omstandigheden ideaal waren, is een droogtijd van van 12 weken of 3 maand te verwachten. Dit is een goed gemiddelde waardoor u met de vuistregel van 0,5 cm per week mag rekening houden. Maar zoals bij elk natuurlijk proces wordt de regels dagelijks geschonden, er zijn dus altijd uitschieters zowel positief maar ook negatief. Uiteindelijk is een vuistregeltje ook maar een richtlijn en moet het restvocht van een chape daadwerkelijk gemeten worden om de waarheid te kennen.

Tips

→ bedek de chape tijdens het droogproces met niets, ook niet met een overschotje tegels, een karton doos, of meubels.

→ aan de randen mag je de randstroken of dampscherm die de dekvloer dreigt te bedekken weg snijden.

→ bij gebruik van een bouwdroger zet je het toestel best op een zone waar geen parket komt (bijvoorbeeld op een tegelvloer) en dicht bij een afvoer. het toestel kan al eens lekken waardoor je soms weken tot maanden langer moet drogen. Beter voorkomen dan genezen.

→ plaats steeds een bouwdroger als de planning voor u belangrijk is, zeker niets verplichtend. Wij volgen uw project steeds nauwgezet op alsook de snelheid volgens uw project deadline.

Nieuw: Admonter Authentic

Admonter eik authentic

NIETS MEER, MAAR OOK NIET MINDER.

Aan sommige materialen moet weinig aangepast worden of hebben weinig make up nodig. Ze zijn van nature mooi.
In AUTHENTIC heeft elke tak zijn doel, elke groef en zelfs de kleinste kromming heeft betekenis.
Hier geeft NATURE de RICHTING aan.
We vinden het leuk om haar te volgen, want na alles is zij die nog steeds de mooiste ontwerpen creëert.
Een parket wordt niet meer AUTHENTIEK en echter dan deze vloer.

Authentic is de nieuwe reeks uit het admonter parketvloeren gamma en volgt de trend naar de basis van het product, de natuurlijke look van het hout. De oppervlaktebehandelingen zorgen ervoor dat de natuurlijke krommingen van het hout gevolgd worden en mooie houttekening volledig tot zijn recht komt.

Dit gecombineerd met de uiterst stabiele opbouw, waterbestendig en stabiel voor vloerverwarming, zal dit waarschijnlijk de meest natuurlijke keuze zijn om te maken.

MEER INFO

Zijn parket en vloerverwarming verenigbaar

opbouw-chape-voor-parket-op-vloerverwarming

Hout is een hygroscopisch materiaal dat zich aanpast aan de hygrothermische voorwaarden van zijn omgeving (met name de relatieve vochtigheid) en dat bijgevolg ook onderhevig is aan dimensionale veranderingen. Een extreme en snel veranderende relatieve vochtigheid en temperatuur zal dan ook een negatieve invloed hebben op de dimensionale stabiliteit van de houten vloerbedekking (bewegingen, vervorming, scheurvorming). Om deze fenomenen te beperken, is het aanbevolen om een gunstig binnenklimaat te waarborgen en dit zowel vóór, tijdens als na de plaatsing van het parket.

In deze context wordt in de TV 218 ‘Houten vloerbedekkingen: plankenvloeren, parketten en houtfineervloeren’ aanbevolen om de relatieve vochtigheid van de binnenlucht te begrenzen tot 30 à 60 % en bij voorkeur tot 40 à 55 % (de grenswaarden mogen slechts gedurende een beperkte duur optreden) en dit, voor een luchttemperatuur van ± 20 °C.

Het beheer en de handhaving van een gunstig binnenklimaat zijn afhankelijk van meerdere factoren. Zo kan het gebruik van een verwarming, een ventilatiesysteem of een houtkachel leiden tot een droger binnenklimaat in de woning. Om tijdens het stookseizoen een gunstig binnenklimaat te handhaven, is het aanbevolen om de insteltemperatuur te begrenzen tot 20 à 22 °C en de ventilatiedebieten aan te passen aan de behoeften. In aanwezigheid van een vloerverwarming zou de oppervlaktetemperatuur van de houten vloerbedekking beperkt moeten blijven tot maximum 29 °C. Een verhoging van de insteltemperatuur kan aanleiding geven tot een aanzienlijke daling van de relatieve vochtigheid (< 30 %) en tot een toename van de vervormingen (schoteling, opening van de voegen), wat aan de grondslag kan liggen van onomkeerbare schade (onthechting, breuk van de ondergrond …).

Naast het beheer en de handhaving van een gunstig binnenklimaat, kunnen er nog een aantal bijkomende aanbevelingen geformuleerd worden om de vervorming van de elementen van de houten vloerbedekking in aanwezigheid
van een vloerverwarming zoveel mogelijk te beperken. Deze aanbevelingen worden belicht in de volgende paragrafen.

Ondergrond:

Bij de plaatsing van de vloerbedekking moet het vochtgehalte van de dekvloer begrensd blijven tot 2 % voor dekvloeren op basis van cement en tot 0,6 % voor dekvloeren op basis van anhydriet.
Indien het vloerverwarmingssysteem ingebed is in de dekvloer, moet er steeds een laag van minstens 5 cm dik bovenop het verwarmingselement
(buis, kabel) gelegen zijn.
Het dekvloertype (traditionele cementgebonden dekvloer, sneldrogende dekvloer en vloeibare anhydrietgebonden dekvloer) heeft geen invloed op het gedrag van de houten vloerbedekking, gelet op het feit dat deze een vergelijkbare warmteoverdracht vertonen. Deze vaststelling geldt echter enkel indien de dekvloer uitgevoerd wordt volgensde regels der kunst (met name tijdens de verdichtingsfasen) en de buizen door een voldoende dikke laag omhuld worden.
Na de droging van de dekvloer zou men deze op temperatuur moeten brengen door de temperatuur stelselmatig met 5 °C te verhogen tot men een oppervlaktetemperatuur van 29 °C bereikt. Deze temperatuur moet minstens gedurende 5 dagen aangehouden worden. 48 uur vóór de plaatsing van de vloerbedekking moet de verwarming uitgeschakeld of op een lage temperatuur gezet worden (oppervlaktetemperatuur van 15 °C). De temperatuur mag pas drie dagen na de plaatsing van de vloerbedekking terug opgedreven worden met maximum 5 °C per dag.

Plaatsingswijze:

Traditioneel parket genageld op vloerverwarming

Om de optimale warmteoverdracht door geleiding van de vloerverwarming via de vloerbedekking naar de binnenomgeving toe te laten, is enkel een gelijmde (of gelijmd-genagelde) plaatsing aanbevolen.

Een verlijming met lijmkoorden is afgeraden omwille van de aanwezigheid van luchtlagen onder de vloerbedekking, waardoor de warmteweerstand van het geheel toeneemt.
Voor een plaatsing boven een vloerverwarming kan het gebruik van een stijve of elastische lijm in aanmerking genomen worden.
Een stijve lijm (dispersielijm, tweecomponenten polyurethaanlijm) laat toe om de houtbewegingen te beperken, maar zal meer belastend zijn voor de ondergrond. In extreme omstandigheden kan dit aanleiding geven tot het loskomen van het parket en/of tot een breuk in de ondergrond. Het gebruik van een stijve lijm vergt met andere woorden een goed presterende ondergrond (minimale cohesie van 0,8 N/mm²). Een soepele lijm (STP-lijm, MS-polymeerlijm…) begrenst de spanningen, maar levert wel grotere houtbewegingen op. Naarmate de lijm elastischer is, zullen de bewegingen en de vervormingen van het hout groter worden, waardoor er een zekere esthetische hinder kan ontstaan. In aanwezigheid van planken met een grote slankheidsfactor(> 10), kan een zeer elastische lijm dan ook aanleiding geven tot vervormingen (schoteling, opening van de voegen) die de toelaatbare criteria uit de TV 218 overschrijden, zonder noodzakelijkerwijze gepaard te gaan met onomkeerbare vervormingen. Wanneer het binnenklimaat terug gunstiger wordt, nemen de planken gewoonlijk opnieuw hun normale positie in. Bij het aanbrengen van dit lijmtype dient men de bouwheer dus op de hoogte te brengen van het feit dat de houtbewegingen sterker in het oog kunnen springen. We willen er eveneens op wijzen dat de invloed van de stijfheid of elasticiteit van de lijm minder groot zal worden, naarmate de gebruikte houten vloerbedekking een grotere dimensionale stabiliteit vertoont.


Houten vloerbedekking:

Stabiele houtsoorten genieten de voorkeur voor gebruik als houten vloerbedekking. Men zou in de mate van het mogelijke moeten opteren voor planken die op kwartier of
vals kwartier gezaagd werden. Het gebruik van hout met een onregelmatige of abnormale vezelrichting is afgeraden. Bij de plaatsing zou het hout een vochtgehalte van 9 tot 10 % moeten vertonen. In geval van massief hout zou de slankheidsfactor (breedte-dikteverhouding van de plank) begrepen moeten zijn tussen 4 en 10. Deze factor is voornamelijk afhankelijk van de dimensionale stabiliteit van de houtsoort, van diens stroefheid, van diens kwaliteit en van de zaagwijze. Voor stabielere houten vloerbedekkingen, zoals bepaalde meerlagige parketten (zie hieronder), zou men een hogere verhouding kunnen overwegen.
De maximale dikte (met inbegrip van het eventuele onderparket) van vloerbedekkingen uit loofhout moet beperkt worden tot 22 mm (W&A Parket adviseert om de dikte te beperken tot 18mm om het risico op werking zo klein mogelijk te houden). Voor vloerbedekkingen uit naaldhout zou de maximale dikte 15 mm moeten bedragen. Het gebruik van meerlagig parket zou een goede oplossing kunnen vormen voor zover de kwaliteit van het product proefondervindelijk aangetoond werd. Bij een identieke slankheidsfactor kan meerlagig parket een dimensionale stabiliteit vertonen die tot 2 keer groter is dan bij een massief parket of een tapijtparket met een gelijmd-genagelde plaatsing op een onderparket. We willen echter benadrukken dat deze vaststelling enkel opgaat voor meerlagig parket waarvan de kwaliteit proefondervindelijk aangetoond werd. Uit onze ervaring en onze contacten met de professionelen uit de sector is immers gebleken dat de kwaliteit van het meerlagige parket dat momenteel in de handel is, zeer wisselvallig is. Dit geldt vooral voor wat betreft de verlijming van de toplaag op de kern van de plaat. In een volgend artikel zal dieper ingegaan worden op deze problematiek, evenals op de noodzaak om prestatiecriteria te definiëren. Een tapijtparket met een gelijmd-genagelde plaatsing op een onderparket laat in de regel toe om te voldoen aan de toleranties. Door de randen van de parketstroken af te schuinen, kan de esthetische hinder ten gevolge van de voegopening tussen de planken beperkt worden.

Afwerking:

De afwerking van de houten vloerbedekking met een vernis, een olie of een was kan de snelheid van vochtuitwisseling tussen het hout en de binnenomgeving beïnvloeden. Uit de ervaring van de WTCB-medewerkers blijkt evenwel dat dit aspect verwaarloosbaar is invergelijking met de voormelde parameters.

*Bron: WTCB contact 2014/3

Copyright © 2019 W&A Parket. All rights reserved. Cookies | Disclaimer | Privacy statement